7.1. Zwakke Twee

Tot nu toe heb je geleerd om te openen met minimaal 12 punten. Lange kleuren hebben echter een kracht die niet goed in punten uit te drukken is. Met zes goede schoppen en schoppen troef, maak je vaak vijf of zes troefslagen. Open je zo’n hand met 1, dan denkt je partner dat je 12-19 punten hebt.

Om je partner de juiste informatie te geven én de tegenpartij onder druk te zetten, open je dergelijke handen op tweeniveau. Je hebt dan een goede zeskaart nodig: dit betekent dat de zeskaart minimaal twee plaatjes bevat. Vergelijk deze Zwakke Twee met het zwakke sprongvolgbod uit hoofdstuk 5.1. Volgbiedingen. Is je partner zwak, dan is de tegenpartij sterk genoeg om een manche of misschien zelfs slem maken. Heeft je partner “iets” mee, dan maak je meer dan de beoogde vijf slagen. Het risico is daarom klein. Alle onderstaande handen zijn te zwak voor een opening op éénniveau.

QUIZ

Als je partner met een Zwakke Twee opent, omschrijft hij zijn hand zo nauwkeurig, dat je “alleen nog maar” hoeft te bepalen hoe jouw hand daarop aansluit. Vaak pas je of verhoog je de openingskleur.

Opent de tegenpartij met een Zwakke Twee, dan is het lastig om in de bieding te komen en je partner te vertellen dat je een opening hebt. Er is veel biedruimte weggenomen en jouw eerste bod moet op twee- of zelfs drieniveau zijn. In de onderstaande voorbeelden opent de tegenpartij met een Zwakke Twee. Hoe reageer je?

QUIZ